Dichter bij de waarheid

Het is een zegen dat Mujihah nog in leven is. Dat zij het verhaal van haar zus Marwiyah, mijn moeder, aan Teguh wilde vertellen. Zonder tante Mujihah had ik nooit de waarheid gekend.

Deels bleek het waar wat Teguh te horen had gekregen tijdens zijn vorige bezoek aan Magelang. Mijn moeder was inderdaad arm geweest. En ik was geboren uit een affaire met een man die al snel uit haar leven was verdwenen. Tot zover klopte het. Maar Mujihah had haar hoofd geschud, toen Teguh haar afgelopen weekend tijdens zijn tweede bezoek aan Magelang de rest van het verhaal voorlegde. De versie zoals hij die van de buren had gehoord. Zo was het niet gegaan, beweerde moeders zus Mujihah. En zij kon het weten. Zij was erbij geweest. Bij alles.

Mijn moeder had als dienstmeisje gewerkt bij een man genaamd Khutuk. Khutuk was een knappe, charismatische man. En een ware womanizer, vertelde Mujihah. Iedereen wist dat hij er meerdere vrouwen op nahield. Ondanks zijn reputatie was mijn moeder gevallen voor zijn charmes. Begrijpelijk. Ze was jong. Net twintig. Maar toen ze zwanger van hem bleek, wist ze dat ze dit geheim moest houden. Het was een groot taboe in die tijd, in die cultuur, om ongetrouwd een kind ter wereld te brengen. Moeder had op dat moment al een dochter van drie jaar oud. Mijn (half)zus.

Mijn zus was bijna vier jaar oud, toen onze moeder plotseling naar het ziekenhuis moest. “Op een dag lag er veel bloed op de vloer,” was het enige wat mijn zus zich ervan herinnerde. “Ik had geen idee wat er aan de hand was.” vertelde ze aan Teguh. Mijn zus heeft nooit geweten dat haar moeder zwanger was. Logisch. Moeder had er alles aan gedaan om haar zwangerschap te verbergen. In allerijl werd moeder naar het plaatselijke ziekenhuis gebracht door haar jongere zus, tante Mujihah. Daar kwam de baby met een keizersnede ter wereld. Een meisje. Ik.

Voor zowel mijn moeder als voor mij was het het ziekenhuis de redding geweest. En tegelijkertijd onze vloek. Moeder was namelijk niet verzekerd en kon met geen mogelijkheid de ziekenhuiskosten betalen. Het ziekenhuisbeleid schreef voor om een patiënte pas te laten gaan, zodra de rekening was voldaan. En die werd met de dag hoger. Moeder kon geen kant op. Ze was radeloos. “Enkele dagen later stond er een Chinees koppel aan haar ziekenhuisbed,” vertelde Mujihah aan Teguh. “Deze mensen boden aan alle medische kosten voor hun rekening te nemen.” Dit zou haar problemen oplossen. Ze zouden Marwiyah uit de problemen helpen, beloofden ze… maar dan wel in ruil voor de baby.”

Dit waren de laatste momenten waarop moeder mij in haar armen heeft mogen houden. Onze laatste momenten als moeder en dochter.

Mijn moeder heeft nooit geweten dat ik uiteindelijk niet lang bij deze Chinese mensen zou blijven. Dat ik niet bij hen ben opgegroeid. Ze heeft nooit geweten dat ik uiteindelijk naar Nederland ben gegaan. Ze heeft niets geweten.

Het verandert voor mij alles. De wetenschap dat mijn moeder niet van plan is geweest mij af te staan. Maar daartoe gedwongen werd door financiële omstandigheden. Door een stom Chinees koppel dat mij van haar heeft afgekocht.

Vanaf hier blijft het verhaal troebel en ontstaat er een gat in mijn geschiedenis… Hoe ben ik vanuit Magelang in Jakarta terechtgekomen? Het werpt een ander licht op Martha Chen. Welke rol heeft zij gespeeld?

Related posts

Leave a Comment